Sieneke de Rooij
17 nov 2016

Woon ik hier

//
Reacties0

‘Ik maak nooit iets mee.’ Maar gisteren wel! Want toen mocht ik boekhandel Van Rossum bezoeken voor twee boekpresentaties van Jos Versteegen.

Met zeker 50 andere liefhebbers was het een gezellige boel in de toch al knusse, rijkgevulde, fraai klassiek gerenoveerde Amsterdam-Zuidse boekhandel.

Sieneke de Rooij Jos Versteegen

Uitgaven: Nieuw Amsterdam

Jos Versteegen presenteerde twee dichtbundels, kersvers van Nieuw Amsterdam.
Allereerst zijn nieuwe eigen werk Woon ik hier, gedichten naar levensverhalen van mensen uit een verzorgingshuis. Daarnaast Sonnetten voor Hanna, in het Duits geschreven door Hans Keilson tijdens zijn onderduik (1944) in Delft, nu liefdevol vertaald door Versteegen. Keilsons weduwe Marita Keilson-Lauritz vertelde over het boek, de sonnetten en haar echtgenoot in en na de oorlogsjaren.

Ik ben een groot liefhebber van de poëzie van Jos Versteegen. Zijn intense belangstelling voor de mens en de gevoelens die horen bij levensgeschiedenis weet hij in de kleinste details weer te geven. Mijn ‘favoriete Jos’ is Een huis verlaten (2012), waarin hij onbeduidende voorwerpen beschrijft die hij aantreft bij het opruimen van het huis van zijn ouders.

Versteegen kan alles terugbrengen tot het kleine, schijnbaar onbelangrijke. Hoe kun je je ouders terugzien in een uitgedroogd stukje zeep, met barstjes liggend op de badrand, met opgedroogde schuimbelletjes erin? Door Jos’ teksten zie je je moeder in de keukendoekjes, je vader in zijn portemonneetje, die prutserige dingetjes die geen geldelijke waarde hebben. ‘Je kleine erfenis’, noemt Jos dat.

Je ging de leeggehaalde huizen in,
je zocht naar penningen voor gas en licht.

Versteegen 3Voor zijn nieuwe werk heeft Jos Versteegen bewoners van een verzorgingshuis geïnterviewd, met hun toestemming om hun verhaal in poëzie te verwerken. We leven mee met hun reizen, hun liefdes en verliezen, hun ziektes en afscheid. De flarden van de oorlog, die in bijna al deze levens een rol speelde en die fragmentarisch langszweeft. Hun geworstel met het dagelijks leven. ‘Woon ik hier?’

Niet alleen de inhoud, maar ook de vorm is indrukwekkend. Ogenschijnlijk zo makkelijk, zonder rijm, met wit voor rust, zit er een ongemerkte cadans in de gedichten. Ze lopen zonder te deinen, en als je een aantal beginregels leest voel je hoe je mee naar binnen wordt genomen.
‘U ziet nog uniformen, lege panden’. ‘Er was muziek in Medan, aan de kade’. ‘Er liep een zwijntje door ons huis,’. ‘Dit is uw plakboek en u gaat aan boord’.

Vaak gebruik ik poëzie van Jos in cursussen creatief schrijven, vooral bij het onderwerp familie- en levensverhalen. Ze tonen zo goed aan hoe klein je het kunt houden. Want hoe vaak zien mensen niet op tegen die hele klus, die berg van een heel leven dat beschreven moet worden. Kies, zeg ik dan. Kies thema’s, momenten. Een nietig voorwerp kan een persoon terughalen. De ontroerende gedichten van Jos bewijzen dat. Dan kan het schrijven over een leven ook behapbaar worden, kun je jezelf toestaan klein te schrijven en in dat kleine een mens terug te vinden.

En dan nu nog een gedicht. Van Jos Versteegen natuurlijk, om te delen waarom zijn poëzie zo belangrijk voor mij is. Uit de nieuwe bundel Woon ik hier; alsof de dichter het verhaal na het interview terugvertelt.

Dat voorjaar

Wanneer uw moeder jarig was,
dan kreeg ze van de bovenbuurvrouw
de mooiste lappen stof, katoen
of zijde, u ziet de tulpen nog
tegen een blauwe achtergrond.

Het baaltje stoffen was in touw gedraaid,
en in de vroege ochtend,
wanneer uw moeder jarig was,
dan liet de bovenbuurvrouw, eenhoog,
dat pakje zakken voor uw raam.

Uw moeder droeg de tulpen nog,
op blauw, toen zij daar niet meer woonde,
de bovenbuurvrouw van de stoffen.
‘Ik kom terug,’ had ze gezegd,
en in haar beste jas ging zij
de trap af naar het voorportaal.
Er stonden wagens in de straat.
Het was om vier uur in de morgen.

Jos Versteegen

 

Met dank aan Boekhandel Van Rossum; foto van het interieur: A&D Interieurbouw